Kesimpta

De behandeling staat onder supervisie van een arts die ervaring heeft met de behandeling van MS.

Gebruik het geneesmiddel altijd precies zoals uw arts dat heeft verteld.

Neem contact op of overleg met uw arts als:

  • U twijfelt over het juiste gebruik van uw MS behandeling
  • U wilt stoppen met de MS behandeling of de dosis wilt veranderen
  • Als u andere geneesmiddelen hebt
  • Als u andere geneesmiddelen kort geleden hebt gebruikt
  • Als u een ander geneesmiddel gaat gebruiken
  • Geef ook aan uw arts of apotheker aan als u andere geneesmiddelen zonder recept gebruikt

De MS behandelingen worden over het algemeen alleen gebruikt bij volwassenen voor de behandeling van RRMS.

Er is wel onderzoek gedaan naar kinderen tussen 10 en 18 jaar; zie voor informatie de desbetreffende uitleg/bijsluiters.  

Er is geen geneesmiddel dat MS geneest.

 Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Daardoor kan snel nieuwe veiligheidsinformatie worden vastgesteld. U kunt hieraan bijdragen door melding te maken van alle bijwerkingen die u eventueel zou ervaren. Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts. U kunt bijwerkingen ook rechtstreeks melden via: Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb - Website: www.lareb.nl 

 Kesimpta (ofatumumab)

Kesimpta bevat de werkzame stof ofatumumab. Ofatumumab behoort tot een groep geneesmiddelen die monoklonale antilichamen worden genoemd. 
Kesimpta wordt gebruikt voor de behandeling van volwassenen met relapsing (terugkerende) multiple sclerose (RMS).

Gebruik dit geneesmiddel altijd precies zoals uw arts u dat heeft verteld. Twijfelt u over het juiste gebruik? Neem dan contact op met uw arts of apotheker 

Kesimpta wordt toegediend door middel van subcutane injectie (dat is een injectie onder uw huid).  

De eerste injectie moet onder begeleiding van een zorgprofessional plaatsvinden.  

Kesimpta voorgevulde spuiten zijn uitsluitend voor eenmalig gebruik. 

Gebruik geen hogere dosis dan de dosis die uw arts u heeft voorgeschreven.  

  • De startdosering is 20 mg Kesimpta, toegediend op de eerste dag van de behandeling (week 0) en na 1 en 2 weken (week 1 en week 2).  
  • Na deze eerste 3 injecties, is er geen injectie in de volgende week (week 3).  
  • Vanaf week 4, en daarna iedere maand, is de aanbevolen dosis 20 mg Kesimpta.

Kesimpta werkt door zich te hechten aan een doeleiwit, CD20 genaamd, op het oppervlak van B-cellen. B-cellen zijn een soort witte bloedcellen die deel uitmaken van de afweer van uw lichaam (immuunsysteem). Afweer zorgt voor bescherming tegen ziektes. Bij multiple sclerose valt het afweersysteem de beschermende laag rond de zenuwcellen aan. B-cellen spelen een rol in dit proces. Kesimpta valt de B-cellen aan en verwijdert deze. Daarmee verkleint dit middel de kans op het krijgen van een terugval (relaps, exacerbatie, schub, opstoot), verlicht het de ziekteverschijnselen en vertraagt het de verergering van de ziekte.

  • U bent allergisch voor een van de stoffen in dit geneesmiddel.  
  • U heeft te horen gekregen dat u ernstige problemen met uw afweersysteem heeft.  
  • U heeft een ernstige infectie.  
  • U heeft kanker.

Neem contact op met uw arts voordat u dit middel gebruikt  

  • Kesimpta kan er voor zorgen dat het hepatitis B-virus weer actief wordt. Uw arts zal met een bloedonderzoek controleren of u risico op een hepatitis B-infectie loopt. Als uit dat onderzoek blijkt dat u hepatitis B heeft gehad of drager van het hepatitis B-virus bent, zal uw arts u vragen om naar een specialist te gaan.  
  • Voordat u start met de behandeling met Kesimpta, kan uw arts besluiten om uw afweersysteem te controleren.  
  • Als u een infectie heeft, kan uw arts besluiten dat u Kesimpta niet mag krijgen. Ook kan uw arts uw behandeling met Kesimpta uitstellen tot de infectie is verdwenen.  
  • Uw arts zal controleren of u inentingen (vaccinaties) nodig heeft voordat u begint aan uw behandeling met Kesimpta. Als u een type vaccin nodig heeft dat een levend vaccin of een levend verzwakt vaccin wordt genoemd, dan moet zo’n vaccin minstens 4 weken vóór de start van de behandeling met Kesimpta worden gegeven. Andere soorten vaccins moeten minstens 2 weken vóór de start van de behandeling met Kesimpta worden gegeven. 

Tijdens uw behandeling met Kesimpta

Vertel het uw arts:

  • als u een algemene reactie in verband met een injectie krijgt of een plaatselijke reactie op de injectieplaats krijgt. Dit zijn de vaakst voorkomende bijwerkingen van behandeling met Kesimpta. Meestal treden deze reacties op in de 24 uur na dat Kesimpta is geïnjecteerd, vooral na de eerste injectie. De eerste injectie moet plaatsvinden onder begeleiding van een zorgprofessional.  
  • als u een infectie krijgt. De kans bestaat dat u sneller een infectie oploopt of dat een bestaande infectie erger wordt. Dit komt doordat Kesimpta de immuuncellen aanvalt, die ook helpen bij het bestrijden van infecties. Infecties kunnen ernstig en in sommige gevallen zelfs levensbedreigend zijn.  
  • als u van plan bent om u te laten inenten. Uw arts zal u vertellen of het vaccin dat u nodig heeft, een levend vaccin, een levend verzwakt vaccin of een ander soort vaccin is. U mag tijdens de behandeling met Kesimpta niet met levende of levend verzwakte vaccins worden ingeënt, omdat dit een infectie tot gevolg kan hebben. Andere soorten vaccins kunnen minder goed werken als ze tijdens de behandeling met Kesimpta worden gegeven.

Neem onmiddellijk contact op met uw arts als u tijdens uw behandeling met Kesimpta te maken krijgt met een van de volgende situaties, want deze kunnen tekenen zijn van een ernstige aandoening:  

  • als u denkt dat uw multiple sclerose erger wordt (zoals zwakte of veranderingen in uw zicht) of als u nieuwe of ongewone verschijnselen opmerkt. Deze verschijnselen kunnen wijzen op een zeldzame hersenaandoening die we progressieve multifocale leuko-encefalopathie (PML) noemen en wordt veroorzaakt door een virusinfectie.

Download de bijsluiter (pdf)

Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben, al krijgt niet iedereen daarmee te maken.

Zeer vaak (komen voor bij meer dan 1 op de 10 gebruikers):  

  • infectie van de bovenste luchtwegen, met klachten als keelpijn en een loopneus 
  • reacties in verband met een injectie, zoals koorts, hoofdpijn, spierpijn, koude rillingen en moeheid; deze reacties treden meestal op binnen 24 uur na een injectie met Kesimpta, vooral na de eerste injectie  
  • infecties van de urinewegen  
  • reacties op de injectieplaats, zoals roodheid, pijn, jeuk en zwelling op de injectieplaats

Download de bijsluiter (pdf)

Bent u zwanger, denkt u zwanger te zijn, wilt u zwanger worden of geeft u borstvoeding? Neem dan contact op met uw arts voordat u dit geneesmiddel gebruikt.

Zwangerschap 

  • U mag niet zwanger worden tijdens uw behandeling met Kesimpta en ook niet binnen 6 maanden nadat u met de behandeling bent gestopt.  
  • Als u zwanger kunt worden, dan moet u een goedwerkende vorm van anticonceptie gebruiken tijdens de behandelingsperiode en ook nog 6 maanden nadat u met Kesimpta bent gestopt. Vraag uw arts naar de mogelijkheden.  
  • Vertel het uw arts meteen als u tijdens de behandelingsperiode, of binnen 6 maanden na de laatste injectie, toch zwanger wordt of denkt dat u zwanger bent. Uw arts zal het dan met u hebben over de mogelijke risico's van Kesimpta op een zwangerschap. De reden hiervoor is dat Kesimpta het aantal immuuncellen (B-cellen) kan verlagen bij zowel de moeder als de ongeboren baby. 

Borstvoeding 
Kesimpta kan terechtkomen in de moedermelk. Praat met uw arts over de voordelen en risico’s voordat u uw baby borstvoeding geeft in de periode dat u Kesimpta gebruikt. 

Voordat u start met de behandeling: 

  • Uw arts zal met een bloedonderzoek controleren of u risico op een hepatitis B-infectie loopt. 
  • Uw arts kan besluiten om uw afweersysteem te controleren. 
  • Uw arts zal controleren of u inentingen (vaccinaties) nodig heeft voordat u begint aan uw behandeling met Kesimpta

Dit geneesmiddel is enkel op recept verkrijgbaar. Starten met dit geneesmiddel kan alleen in overleg met je behandelend arts. 
Mocht je meer informatie willen hebben over dit geneesmiddel, neem dan contact op met je arts of apotheker of raadpleeg de bijsluiter (pdf).

MAT-NL-2200200 v1.0-032022

Vond je deze informatie nuttig?